Zoeken

Kastelen

Gheluveld Chateau (privé-eigendom) 
Het kasteel werd van 1737 tot 1965 bewoond door de adellijke familie Keingiaert. Vóór de oorlog bezat de familie een groot deel van Geluveld. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vluchtte de familie Keingiaert voor het oorlogsgeweld. Geluveld werd verdedigd door de Britse 1e Divisie. Op 29 oktober vielen de Duitse 54e Reservedivisie en enkele losse eenheden het dorp aan. Bij Beierse Infanterieregiment 16 zat een zekere Adolf Hitler. Zijn bevelhebber, Julius List, sneuvelde op 31 oktober in het kasteelpark. Het park werd dan verdedigd door de 1e South Wales Borderers. Ze zijn de enige die stand houden. Generaal Fits Clarence stuurde daarop troepen van het Polygoonbos naar Geluveld. Hij leidde de 2e Worcesters tot aan het park, waarna het dorp met een tegenaanval werd ingenomen. Vanaf dan bleven het dorp en het kasteel in Duitse handen. In het najaar van 1917 werd heel Geluveld van de kaart geveegd wanneer Britse troepen de dorpskern naderden. Ze konden het echter niet innemen. In en rond de ruïnes van het kasteel bleven Duitsers zich schuilhouden. Pas eind september 1918 werd Geluveld ontzet. Kasteelvrouw Léonie Keingiaert kwam kort na de oorlog terug en werd de eerste vrouwelijke burgemeester van België. Ze richtte een steenbakkerij op voor het herbouwen van haar dienstwoningen, hoeven en huizen voor de terugkerende bevolking. Pas in 1929 werd het kasteel heropgebouwd. Het huidig gebouw lijkt sterk op het vooroorlogs kasteel.
 
Polderhoek Chateau (verdwenen kasteel) 
Het is haast ondenkbaar maar tijdens de oorlog lag er in de vallei van Polderhoek een prachtig park. Gelegen rond het zuidersogend Polderhoekkasteel was het zelfs één van de mooiste in de streek. De lokale bevolking noemde het niet voor niets “Bloemenkasteel”. Het werd aangelegd vanaf 1850 en is ruim 30 ha groot. Het front liep hier in 1914. Van dan af lag het Polderhoekpark in Duits gebied. Op 4 oktober 1917 slaagden Britse troepen er in het noordoostelijk deel van het park in te nemen. Verder raakte men niet en het offensief werd op de heuvelrug gestaakt. Het hele terrein werd in puin geschoten en de Reutelbeek, die door het park stroomde, vormde een brede strook moeras. Op 3 december 1917 werd alsnog een aanval op het park uitgevoerd. Nieuw-Zeelandse troepen moesten de klus klaren. De hele operatie faalde. Manschappen werden door eigen artillerie beschoten door het wegzakken van kanonnen in de modder. Sterke wind deed de werking van een beschermend rookgordijn teniet. Ook de inzet van ongeoefende troepen droeg bij tot het mislukken van de operatie. Zware verliezen nabij Passendale hadden tot gevolg dat hier onervaren reservetroepen het slagveld werden ingestuurd. Toch streed men er onbevreesd. Het kasteel, of wat er van over bleef , werd pas in 1918 ingenomen tijdens het bevrijdingsoffensief. De kasteelheer Octaaf de Landas had geen moed om het kasteel weer op te bouwen. Hij gebruikte zijn schadevergoeding voor het bouwen van een kerk en stierf in 1924.